Wilde Eend – Anas platyrhynchos

Omschrijving

Bij de wilde eend is het mannetje in tegenstelling tot het vrouwtje erg opvallend gekleurd. De kop van het mannetje is glanzend groen, terwijl de rest van het verenkleed grotendeels grijs is. Ook zijn de middelste staartpennen duidelijk omhoog gekruld. Het verenkleed van het vrouwtje is onopvallend bruin en bezet met donkere vlekken. Aan het eind van de zomer verliest het mannetje echter het fraaie prachtkleed en lijkt dan op een donker gekleurd vrouwtje. Dit eclipskleed houdt het mannetje niet lang, in het najaar komt het prachtkleed al weer terug.

Net als de meeste andere eenden heeft de wilde eend een brede snavel die over het wateroppervlak heen en weer bewogen wordt, waardoor het voedsel zoals zaden en plantendelen uit het water gefilterd worden. De wilde eend komt vooral voor in de buurt van stilstaand of langzaam stromend water en bouwt het nest in de dichte begroeiing langs de waterkant.

De meeste in Nederland broedende wilde eenden overwinteren ook in Nederland, maar exemplaren die broeden in het noorden van Europa trekken ‘s winters meestal naar het zuiden. De wilde eend is de stamvorm van de tamme eenden die in Nederland veel voorkomen in stadsvijvers en parken.

( bron: vogelvisie.nl )